Ga naar hoofdinhoud
MedCalc

Functie COS

Cosinusfunctie. COS(x) geeft de cosinus van een hoek x. Het resultaat ligt in het bereik [-1..1]. Het argument x moet in radialen worden uitgedrukt. Gebruik de functie RADIANS om graden in radialen om te zetten.

Sinus, cosinus en tangens in de eenheidscirkel
Sinus, cosinus en tangens in de eenheidscirkel

Het argument x kan een reëel getal, een complex getal of een matrix zijn. Is het een matrix, dan geeft de functie een matrix met dezelfde afmetingen terug, waarbij de functie COS op alle elementen wordt toegepast.

Voorbeelden

COS(PI()/3) is gelijk aan 0.5.

COS(RADIANS(90)) is gelijk aan 0.

COS(3.14159265) is gelijk aan -1.

Rekenmachine

COS( )  0.5

Grafiek

COS
  • Functie ACOS: geeft de arccosinus van een getal.
  • Functie SEC: secansfunctie (omgekeerde van de cosinus)
  • Functie PI: geeft de waarde van pi.
  • Functie RADIANS: zet graden om in radialen.
  • Goniometrische functies